Analyse

Maakt AI ons dommer? Ik denk dat de vraag verkeerd gesteld wordt

AI maakt mensen dommer, hoor ik steeds vaker. Het argument klinkt logisch. Maar als je goed kijkt naar wat er werkelijk gebeurt, ligt het genuanceerder.

· Thomas Vermeij · Kennisbank

Vrouw achter twee schermen met een visualisatie van een brein

Ik hoor het steeds vaker, in gesprekken met professionals in het sociaal domein en daarbuiten: AI maakt mensen dommer. We besteden ons denkwerk uit, en daar wordt onze eigen denkkracht minder van.

Het argument klinkt logisch. En er is onderzoek dat het lijkt te bevestigen. Maar als je goed kijkt naar wat er werkelijk gebeurt, ligt het genuanceerder. En die nuance is precies waar het interessant wordt, zeker voor organisaties die nu AI-geletterdheid moeten opbouwen.

Wat het onderzoek eigenlijk laat zien

De studies die het meest worden aangehaald, komen uit onderzoek naar hersenactiviteit tijdens schrijftaken met en zonder AI. De uitkomst die viraal ging: mensen die AI gebruikten, vertoonden minder brede hersenactiviteit en konden hun eigen tekst achteraf slechter reproduceren.

Wat minder werd gedeeld: diezelfde onderzoeken lieten ook zien dat de volgorde ertoe doet. Mensen die eerst zelf nadachten over een taak en pas daarna AI erbij pakten, presteerden beter dan mensen die AI meteen als vervanging gebruikten. Het verschil zat niet in AI zelf, maar in het moment waarop iemand hem inzette. Vóór het nadenken, of in plaats van het nadenken.

Dat is een wezenlijk ander verhaal dan “AI maakt je dommer”.

Een patroon dat we vaker hebben gezien

Deze discussie is niet nieuw. Het schrift verminderde de noodzaak om dingen uit het hoofd te leren. De boekdrukkunst maakte kennis overbodig om te onthouden, want je kon het altijd opzoeken. Beide technologieën werden in hun tijd gezien als bedreiging voor het menselijk denkvermogen. Beide leidden uiteindelijk tot een sprong in wetenschap, filosofie en abstract denken.

Technologie maakt ons zelden automatisch dommer. Ze verschuift welke vaardigheden we trainen, en welke we minder gebruiken. De vraag is niet of dat gebeurt. De vraag is of we die verschuiving bewust sturen, of gewoon laten gebeuren.

Waarom dit voor het sociaal domein extra relevant is

In gemeenten, jeugdzorg en welzijnsorganisaties wordt AI steeds vaker ingezet voor rapportages, samenvattingen en eerste conceptteksten. Dat kan enorm veel tijd schelen. Het risico ontstaat op het moment dat AI het denkwerk overneemt in plaats van ondersteunt: een rapportage die ongelezen wordt overgenomen, een advies dat niet meer kritisch wordt getoetst aan de situatie van de cliënt.

Dat risico zit niet in de tool. Het zit in hoe een organisatie ermee omgaat. Wie AI gebruikt als vervanging van eigen oordeel, wordt inderdaad minder scherp. Wie AI gebruikt als sparringpartner, nadat hij zelf heeft nagedacht, wordt juist scherper. Hij heeft een extra denkoefening erbij, niet minder.

Dat onderscheid is precies waarom AI-geletterdheid meer is dan een verplichting uit de AI-verordening. Het is een vaardigheid: weten wanneer je zelf nadenkt, en wanneer je AI erbij pakt. En dat leer je niet door AI te verbieden, maar door er bewust mee te leren werken.

Mijn conclusie

AI maakt mensen niet automatisch dommer. Het maakt onoplettende gebruikers luier, en oplettende gebruikers scherper. Het verschil zit in het gesprek dat een organisatie daarover voert, niet in de techniek zelf.

Volgende stap

AI bewust inzetten zonder in te leveren op kritisch denken

De workshop AI-geletterdheid gaat precies hierover: wanneer denkt u zelf na, en wanneer pakt u AI erbij. Met een deelnameregistratie die aantoonbaar maakt dat u aan artikel 4 werkt.